Als we op bezoek gaan bij de veertienjarige Dafydd, valt het ons op dat het huis er best netjes uitziet. Onze indruk verandert als we binnenkomen.

Van het huis huurt de familie één kamer en een keuken, voor zover je dat zo kunt noemen. Een douche of wasgelegenheid is er niet. In de kamer staan slechts een bed en een tafel met wat rommel erop, en er is een kachel. Op het bed zit een oude man. Het is Dafydds opa, die op zijn broertje Vasea van twee past. Moeder Oxana, die doof is en niet kan praten, is niet aanwezig. Vader leeft al tien jaar niet meer.

Het leven van Dafydd is niet eenvoudig. Omdat hij een Roma is, is z’n moeder niet ingeschreven en kan hij niet naar school. Moeder krijgt wel een uitkering, maar die is veel te laag om van rond te komen. Als er geld nodig is, moet Dafydd van zijn moeder gaan bedelen.

“De wintertijd is moeilijk”, vertelt opa met een bezorgde blik. “We kunnen niets uit de groentetuin halen, en er zijn extra kosten, omdat de kinderen medicijnen nodig hebben. Mijn dochter heeft door haar handicap nauwelijks contacten. Als mensen in het dorp al wat hebben om uit te delen, doen ze dat aan hun eigen familie.”

De enige uitkomst voor Dafydd is de dagopvang voor de Roma-kinderen. ’s Morgens gaat hij er al vroeg naar toe en begint hij met een ontbijt. Na de lessen volgt ’s middags een voedzame en warme maaltijd. Ook kan hij er douchen en z’n kleren wassen. Waar zou hij zijn zonder deze warme en liefdevolle plek?

Steun de wintercampagne
Dafydd kijkt intelligent uit zo’n ogen en toont karakter in de zorg voor zijn broertje. Zal hij met zijn Roma-achtergrond kans hebben om uit de spiraal van armoede en discriminatie te ontsnappen?

Alles lezen over de wintercampagne

Ja, ik omring deze winter kwetsbare en arme kinderen met warmte.